De weersensor wordt in combinatie met de weercentrale (5174 00) gebruikt en beschikt over de volgende sensoren: - lichtsterkte in drie richtingen (op 90° afstand van elkaar, windrichtingen: oost, zuid, west) - temperatuur - windsnelheid - neerslagsensor, met geïntegreerde verwarming.
De sensorwaarden worden door de weersensor naar het weercentrum gestuurd dat de sensorinformatie analyseert en naar de bus stuurt.
De weersensor kan met maximaal 20 weercentrales communiceren.
Technische gegevens
Bedrijfsspanning ext. Voeding
DC 18 – 34 V
Eigenverbruik
max. 5 W
Aansluiting tussen weersensor en weercentrale
0,6 tot 0,8 mm (buskabel, bijv. J-Y(St)Y 2 x 2 x 0,8)
Aansluitwijze
Lasklem en aansluitklem
Montagewijze
Wand- resp. mastbevestiging (toebehoren)
Beschermeringssoort
IP44
Beschermingsklasse
III
Proefspanning
0,8 kV
Omgevingstemperatuur
-20 °C tot +55 °C
Meetbereik wind
2 tot 30 m/s
Meetbereik lichtsterkte
1 bis 100.000 Lux
Meetbereik temperatuur
-30 °C tot +60 °C
Afmetingen in mm
B 121 H 105 D 227
Maximale kabellengte tussen weersensor en weercentrale
1000
Aantal weercentrales die met een weersensor kunnen worden verbonden